Sclerocompressietherapie

Bij deze behandeling laten we de ader verschrompelen (scleroseren) door er een speciale vloeistof in te spuiten. Daarom wordt deze behandeling ook wel ‘wegspuiten’ genoemd.
Hierbij wordt er een vloeistof in de ader gespoten welke als een soort lijm werkt. Het doel is om de wanden van de spataders aan elkaar te laten ‘plakken’ en zo de spatader te laten verdwijnen.

Aansluitend aan dit wegspuiten volgt de compressie: u moet gedurende drie tot vijf dagen tamelijk strakke steunkousen dragen om de aders dicht te drukken zodat de wanden kunnen verkleven. Deze steunkousen mogen niet uit en mogen ook absoluut niet nat worden.

Sclerocompressietherapie is poliklinisch en nagenoeg pijnloos. Veel mensen ervaren de steunkousen dan ook vervelender dan de behandeling zelf.